Arbeidsmarkt in het groen: sterk perspectief, zwakke aanwas |
|
|
|
|
 |
| 154 sec |
Hovenier blijft kansrijk beroep, maar instroom en vergrijzing zetten groei onder druk
Het werk is er. Agenda's zitten vol en wachttijden lopen op. Toch is het voor veel hoveniers lastig om personeel te vinden. Het beroep staat al jaren op de lijst met kansrijke beroepen. Dat betekent dat er meer vacatures zijn dan mensen die werk zoeken. Tegelijk blijft de instroom achter. Wat zeggen de cijfers richting 2030? De redactie van De Hovenier sprak met Lisan van den Beukel, arbeidsmarktadviseur bij het UWV.
| De vraag naar hoveniers is groter dan het aanbod (foto gemaakt met behulp van AI). |
Volgens het UWV behoort hovenier al langere tijd tot de kansrijke beroepen. 'Hoveniers staan al jaren op de lijst met kansrijke beroepen: er is meer vraag dan aanbod,' zegt Van den Beukel. 'De krapte is langdurig en lijkt in de toekomst niet minder te worden, volgens de verwachtingen van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA).'
|
|
'De krapte is langdurig en lijkt niet minder te worden.'
| |
|
Het gaat niet om een tijdelijke piek. De verwachting is dat het tekort tot 2030 groot blijft. 'Dit betekent dat er een gezamenlijke uitdaging ligt om mensen te interesseren voor werk in de groene sector, personeel te behouden door goed werkgeverschap en waar mogelijk het werk efficiënter te organiseren.'
Het groen staat niet alleen
De krapte op de arbeidsmarkt speelt in meer sectoren. Daardoor is de concurrentie om vakmensen groot. 'Er zijn beroepsgroepen die nog steeds te maken hebben met een zeer krappe arbeidsmarkt en waarvan verwacht wordt dat de spanning tot 2030 verder toeneemt. Dat geldt met name voor technische beroepen, transport en zorg en welzijn. In die zin is de positie van de groene beroepen niet uitzonderlijk.'
Binnen het groen zijn vooral hoveniers en medewerkers groenonderhoud schaars. Dat betekent dat hoveniers concurreren met andere technische sectoren om dezelfde praktisch geschoolde mensen.
Vraag groeit door klimaat en vergroening
De vraag naar hoveniers komt niet alleen uit de particuliere markt. Ook klimaatadaptatie, vergroening van steden en natuurbeheer zorgen voor extra werk. In UWV-publicaties over toekomstbestendige landbouw worden groenprofessionals genoemd als belangrijke beroepsgroep.
|
|
'De vraag blijft hoog en wordt breder dan alleen tuinaanleg.'
| |
|
Het vak krijgt daarmee een bredere rol. Dat vergroot de kansen, maar zet de arbeidsmarkt verder onder druk.
De praktijk: planning schuift op
Veel bedrijven krijgen het werk nog wel gedaan, maar het kost meer moeite. 'Over het algemeen wordt dit nog opgevangen door bijvoorbeeld ook op zaterdag af en toe te werken,' zegt Van den Beukel. 'Maar je ziet ook dat het langer duurt voordat een hovenier aan een project begint.'
Regionale verschillen spelen een rol. In groeigebieden is de krapte vaak groter. Als het tekort aanhoudt, verwacht Van den Beukel duidelijke gevolgen: 'Waarschijnlijk zal het dan moeilijker worden om een hovenier te vinden en/of prijzen gaan omhoog. Daarnaast zal ook hier automatisering een stukje verlichting kunnen brengen.'
|
|
'Het wordt moeilijker om een hovenier te vinden.'
| |
|
Seizoenswerk zichtbaar in cijfers
Het hoveniersvak kent een duidelijk seizoenspatroon. 'In de WW-data is het seizoenseffect zichtbaar: een piek in de wintermaanden. De WW-instroom is over het algemeen het grootst in de maanden oktober tot en met januari.' Dat laat zien dat het werk in de winter afneemt en in het voorjaar weer snel toeneemt.
Instroom blijft achter bij de vraag
Dit schooljaar zijn er 19.447 mbo-studenten in het groene domein. Voor het hoveniersvak zijn vooral deze opleidingen relevant:
• 1.385 studenten opzichter/uitvoerder groene ruimte • 1.023 studenten vakbekwaam hovenier • 695 studenten medewerker hovenier • 151 studenten boomverzorger
In schooljaar 2024-2025 studeerden 5.895 studenten af in het groene domein. Voor de hoveniersopleidingen ging het om 452 opzichters/uitvoerders, 297 vakbekwaam hoveniers, 290 medewerkers en 45 boomverzorgers. 'Deze aantallen zijn onvoldoende om in de vervangings- en uitbreidingsvraag te voorzien,' zegt Van den Beukel.
|
|
'De uitstroom uit het mbo is te klein om de vraag op te vangen.'
| |
|
Daar komt vergrijzing bij. 'Vergrijzing heeft nu al een grote impact en dat wordt alleen maar meer.' Dat maakt het lastig om niet alleen te groeien, maar ook om ervaren mensen te vervangen.
Zij-instroom nodig, maar niet eenvoudig
Zij-instroom kan helpen, maar is geen simpele oplossing. 'Zij-instroom is belangrijk, maar ook hierin kunnen we niet voldoende kandidaten vinden om alle vraag in te vullen,' zegt Van den Beukel.
In 2024-2025 kwam bijna 28 procent van de zij-instromers uit de uitzendbranche. Daarna volgen industrie, detailhandel en bouw. Toch lopen overstappers tegen drempels aan. 'Begeleiding is een item, vooral omdat de meeste hoveniersbedrijven klein zijn en in kleine teams werken.' Daarnaast zoeken veel bedrijven mensen met opleiding of ervaring. 'Laagdrempelige instroom is lastig.'
|
|
'Laagdrempelige instroom is lastig.'
| |
|
Conclusie: werk genoeg, mensen tekort
Het hoveniersvak blijft kansrijk. De vraag is groot en wordt breder. Maar de instroom houdt geen gelijke tred. 'Er ligt een gezamenlijke uitdaging,' zegt Van den Beukel. Voor de sector is de situatie duidelijk: werk is er genoeg. Maar zonder extra instroom, goede begeleiding en slimmer organiseren blijft personeel de beperkende factor voor groei tot 2030.
 | | Lisan van den Beukel |
|
|
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|